Waarom ik niet graag de schoonmaakster van de nachtbus zou willen zijn?

bus_43

Er is één bus die ons na onze feestjes weer naar huis brengt. Bus 43. Die bus is misschien ook wel één van de smerigste bussen in Helsinki. Deze bus brengt namelijk de meeste uitwisselingsstudenten weer naar huis en die kunnen ‘af & toe’ hun alcohol niet binnen houden tot ze thuis zijn. Dat beland dus soms in het gangpad van de bus.

Voordat ik hier kwam had ik het nog maar één keer meegemaakt dat de inhoud van iemands maag door de alcohol omhoog kwam. Toen verhuisde ik naar Helsinki. Daar ging dat nummer sneller omhoog dan me lief was. Wat is dat toch met mensen die hun eigen grenzen niet kennen en het dan kwijt moeten in de bus.

Dat gehobbel en gewiebel zorgt ervoor dat de mensen het niet meer binnen kunnen houden. Dan moeten de schoonmaaksters weer harder aan het werk. Die zijn vast niet blij met al die uitwisselingsstudenten. Nu zijn het niet altijd uitwisselingsstudenten hoor. Twee weken geleden was het een Fin, hoewel hij heel netjes zijn handtas (!) gebruikte om zijn maaginhoud in op te vangen.

Dat scheelt weer voor de schoonmaakster. Daar hoeft ze dan weer niet hard schoon te maken. Nu is het niet altijd de inhoud van een maag wat opgeruimd moet worden. Ook McDonald’s of Hesburger maaltijdrestjes liggen wel eens op de bank met de ketchup uitgesmeerd. Plus al die dronken dropjes die in slaap vallen tegen het raam en zichzelf plus het raam onder kwijlen.

Zoals ik al zei, ik zou niet graag de schoonmaakster zijn. Op zondagmorgen de bus binnen stappen en kijken wat voor verrassing de reizigers voor je hebben achter gelaten? Daar pas ik voor. Ik wil zelfs niet eens passagier zijn, maar anders kom ik niet weer thuis. Ik moet wel dus.

Heb jij ook z’n nachtbus waarvan je liever geen schoonmaakster van zou willen zijn?

Een snelcursus Fins

fins 1 Verhuizen naar een andere land met een andere taal, is vaak ook een poging doen tot het leren van de taal. Ook ik heb een poging gedaan om Fins te leren. Inderdaad, een poging. Die behoorlijk mislukt is. Maar van die acht weken heb ik toch hier en daar wel iets geleerd en het leek me leuk om jullie een mee te nemen in de wondere wereld van Fins.

Even een klein beetje achtergrond informatie over de Finse taal voordat we beginnen. Fins is één van de meest lastige talen om te leren. De taal staat op nummer zes in de lijst van moeilijkste talen en daar ben ik het volledig mee eens! De Finse taal heeft helemaal geen vergelijkingen met de talen die we op de middelbare school leren zoals Duits, Frans of Spaans. Fins behoort namelijk tot een andere taalfamilie namelijk de Finoegrische. De Nederlandse taal behoort tot de Germaanse familie. Talen die een klein beetje verwant zijn met het Fins zijn Estische en Karelisch (een taal gesproken in rusland), maar alsnog helemaal niet op het Fins lijken. We hebben dan wel hetzelfde alfabet, maar dat is ook de enige vergelijking. Zelfs Google Translate heeft moeite met het begrijpen van Fins. Dat zegt genoeg lijkt me.

Wanneer je een nieuwe taal gaat leren, zijn er altijd woorden die je als eerste leert. Zoals bier, dankjewel en proost. Oké en scheldwoorden natuurlijk, maar die komen niet in mijn lijstje voor vandaag. Zijn jullie er klaar voor?

Hallo: Moi of Hei of Moikka of Terve
Doei: Moi Moi of Hei Hei
Proost: Kiipis
Dankjewel: Kiitos
Goedemorgen: Hyvää Huomenta
Goedemiddag: Hyvää Iltapäivää
Goedenavond: Hyvää Iltaa
Sorry: Anteeksi of sorry
Geen probleem: Ei se mitaan
Gefeliciteerd: Onnea (maar betekent ook succes & geluk)
Ja: Kyllä
Nee: Ei
Bier: Olut

Mijn naam is – ….. – : Minun nimi on – …… –
Ik ben – ….. – jaar: Minä olen – .. – vuotta
Ik spreek geen Fins: Minä et puhut Suomi
Spreekt u Engels?: Puhutko Englantia?
Waar is de wc?: Missä on vessa?

En ook heel erg handig om te weten:
Treinstation: Rautatieasema
Vliegveld: Lentoasema
Centrum: Keskusta

Suomi ei ole niin kova oikea? Nee, dat dacht ik ook niet. Nog heel even oefenen en dan kunnen we vloeiend Fins spreken. Toch?

fins 2

 

Ik zal nog eens de lieve vriendin zijn

Soms heb je even een heel goed idee. Je staat zaterdagnacht op het busstation in Helsinki te wachten op de bus naar huis. In Nederland viert je vriendje zijn 23e verjaardag. Omdat die bus toch nog even op zich laat wachten, pak je de telefoon en bel je naar Nederland. Het is daar tenslotte toch nog maar kwart voor twee en vast nu pas interessant geworden.

De telefoon gaat een paar keer over en er wordt opgenomen. Meneer klinkt vooral heel erg verrast. Missie geslaagd! Je feliciteert hem en wens hem een fijn feestje en een hele verjaardag. Je zingt niet eens een liedje, want het busstation staat vol. Ondanks dat niemand je kan verstaan ben je ook weer niet zo gek.

Meneer is erg verrast en hij vraagt je of je misschien iets te diep in het glaasje hebt gekeken, want zo klinkt het. Dan is het jouw beurt om verrast te zijn. NIET de reactie die je verwachtte.

Hij zegt er erg snel achteraan dat hij het heel lief vindt dat je belt en dat hij erg verrast is (En denkt dat je knetter dronken bent).  Excuses worden aangeboden en er wordt nog eens extra gezegd dat het een heel lief gebaar is.

Ik zal nog eens de lieve vriendin uithangen en midden in de nacht naar Nederland bellen. Potdikkie. Dronken, ik?! Ik kan nooit meer telefoneren op zaterdagavond dus. Staat genoteerd.

Ik vind je nog wel lief hoor Meneer ♥

Het openbaar vervoer in Helsinki

Toen ik voor het eerst het openbaar vervoer in Helsinki gebruikte dacht ik dat mijn reiskaart net zo werkte als de ov-kaart. Maar het gaat hier helemaal niet over inchecken en uitchecken. De kaart op zak hebben is al genoeg. In eerste instantie leek het dus ook alsof iedereen zwart reed. Je kon niet zien of iemand een geldige reiskaart had of dat iedereen gewoon gratis ritjes met de trein maakte. Het gehele systeem is gebaseerd op het vertrouwen. Wauw.

De reiskaart is een beetje hetzelfde principe als de ov-chipkaart. Je koopt een kaart en daarbij kun je geld op je kaart zetten of een abonnement. Die abonnementen zijn overigens geldig voor al het openbaar vervoer. Voor €24,- per maand reis ik onbeperkt met bus, trein, metro en tram in de Helsinki regio. Probeer dat maar eens in Nederland.

Walk right in...

Er zijn hier geen hokjes die alleen open gaan als je je kaart erbij langs houdt. De trein, tram en metro zijn open voor iedereen en zwart rijden gaat eigenlijk heel gemakkelijk. Er zijn af en toe controles en als je gepakt wordt kost het je €80,-. Maar controle is er vaker niet dan wel. Zoals ik in de trein van Groningen naar Amsterdam misschien wel drie keer een conducteur zie, heb ik er hier in de afgelopen maand nog twee keer een controleur gezien. Terwijl ik elke dag in de trein zit. Je zult misschien denken dat het dan misschien zonde is van je geld en dat je ook best zwart kunt rijden als er zo weinig wordt gecontroleerd, maar de Finnen zijn erg betrouwbaar en kopen gewoon heel netjes hun kaartje. Heel erg anders dan Nederland.

Het openbaar vervoer is ook heel erg gemakkelijk te gebruiken. We hebben maar één metro lijn dus verdwalen of de verkeerde metro nemen is wel heel erg lastig. De reiskaarten of gewone dagkaartjes kun je werkelijk overal kopen en ondanks dat de Finse namen erg lastig zijn is de Zweedse versie eronder geschreven.. Die zijn soms iets gemakkelijker te begrijpen plus de trein en metro stations zijn erg makkelijk bereikbaar voor rolstoelgebruikers. Het beste van allemaal: de treinen, metro en trams rijden vaak. De metro komt om de vier minuten, de trein om de tien minuten en de bus om de vijftien minuten. Wat een verwennerij als je gewend bent dat de bus om het uur komt.

En het allerbeste van allemaal, vertraging komt nauwelijks voor in het woordenboek van het openbaar vervoer in Finland!

Wat leerde ik van mijn eerste 2,5 maand in Helsinki?

Over precies twee maanden zit ik in het vliegtuig naar huis. Iets waar ik liever nog niet aan denk, want ik vind het veel te leuk hier. Maar als ik nog twee maanden heb betekent dat ik het meeste al gehad heb. Annebelle, een dame die in precies hetzelfde schuitje zit alleen dan in Zweden schreef vorige week over haar leermomenten. Toen ging ik daar zelf ook over nadenken en kwam tot de conclusie dat er in de eerste 2,5 maand al behoorlijk wat leermomentjes zaten. Vandaag deel ik een paar van deze leermomentjes met jullie.

♥ Vrienden maak je heel erg snel
Iets waar ik in het begin nogal bang voor was dat het niet zou gebeuren, maar heel snel veranderde. Vrienden maak je op uitwisseling heel snel. Ik ben onwijs gelukkig met twee toffe huisgenoten en er zijn genoeg mensen die ik in mijn koffer wil stoppen om mee naar huis te nemen. Zij maken de tijd hier gewoon nog veel leuker en dat ze zo dichtbij wonen is ook zeker heel erg fijn.

♥ Heimwee hebben is niet erg
Het is helemaal niet erg om thuis te missen of om gewoon Nederland te missen. Het gevoel van heimwee en gewoon even lekker willen huilen hoort er allemaal bij. Ik waardeer Nederland nu een stuk meer, (vergeleken met andere landen moeten we gelukkig zijn met Nederland) maar ik leerde ook dat ik gewoon op mezelf was aangewezen en ik niet zomaar naar huis kon.

♥ Mijn reisdrang is groter geworden
Voordat ik aan dit avontuur begon had ik niet een hele grote drang om onwijs veel van de wereld te zien. Maar met een heleboel nieuwe vrienden is de lijst met landen die ik moet zien een stuk groter geworden. De drang om te reizen is groter geworden en het gevoel dat de wereld veel groter is ook. Hongarije, Rusland, Peru en Puerto Rico staan zeker hoog op mijn lijstje, maar dat is niet het enige. Ik wil nog veel meer van de wereld zien!

♥ Helsinki voelt als mijn tweede thuis
Ik had niet verwacht dat ik me zo snel en gemakkelijk thuis zou voelen, maar het is wel gebeurd. De straten van Helsinki voelen zo vertrouwd en ik kan eigenlijk niet geloven dat ik over twee maanden niet meer in de trein zit naar school of de nachtbus terug naar huis neem.

Verder heb ik geleerd dat er heel veel Fransen op uitwisseling gaan, als je niet uit Amsterdam komt ben je niet echt interessant, een Nederlander die geen wiet rookt is al helemaal niet interessant, de Finse reclame in Spotify nog vervelender is dan de Nederlandse, er komt een gevecht met een te strakke spijkerbroek, geen stofzuiger hebben is stom, spinnen bestaan niet in Finland, sneeuw kan op hele onverwachte momenten tevoorschijn komen en andere culturen hebben onwijs lekkere gerechten.

Ik ben klaar voor de volgende leermomenten!

Waarom ik van spelletjes ben gaan houden?

Het is zondagmorgen. We hebben net ons gezamenlijke ontbijt in ons buikje en de doos komt op tafel. De doos die elke zondagmorgen weer tevoorschijn komt. Iets waar ik eigenlijk nooit echt gelukkig van werd. De ene zondag was hij gevuld met dobbelstenen en pionnen, de andere keer was het tijd voor triominos.  Die spelletjesdoos op de zondagmorgen, daar was ik wel een beetje klaar mee. Ik was negen van de tien keer de grote verliezer en dat helpt ook niet echt. En ik kan prima tegen mijn verlies hoor. Ik ga niet met stoelen gooien, de dobbelstenen vliegen niet door de lucht en ik zit niet in een hoekje te mokken. Ik had gewoon heel erg weinig geluk in het spel. Heel erg weinig geluk!

Maar je weet wat ze zeggen: ‘Geen geluk in het spel is geluk in de liefde’. Hoewel Meneer wel erg lang op zich liet wachten in die ongelukkige tijden in het spel, heeft hij me erg gelukkig gemaakt in de liefde. Hij gaf me niet alleen liefde voor hem, maar hij heeft me ook weer een klein beetje liefde terug gegeven voor het spel. Wil niet zeggen dat ik nu opeens de sterren van de hemel speel. Integendeel zelfs, maar ik ben er iets meer van gaan houden. Waarom? Door de gezelligheid die het met zich mee brengt.

Meneer is dol op spelletjes. Met zijn vrienden worden en af en toe heuse avonden vol kaartspellen georganiseerd en ik heb daarbij de grootste lol. Het is eigenlijk helemaal niet meer zo belangrijk of je nu wint of verliest, zolang je maar met zijn allen kunt zeuren op de persoon die vals speelt en al je tactieken of verkeerde moves kunt bespreken met je partner. Ik heb het hier overigens over gewone spellen, niets waarbij je om de kaart een shot alcohol naar binnen moet gieten.

Nu stel ik uit mezelf voor om spelletjes te doen. Met mijn nieuwe vrienden hier en thuis of heel soms op zondagmorgen aan de keukentafel. Winnen kan ik nog steeds niet, maar als ik daarvoor de geluk in de liefde mag houden blijf ik zeer tevreden.

De verschillen tussen Nederland en Finland

Vandaag is het precies twee maanden geleden dat ik voet zette op Finse grond. Helsinki is mijn nieuwe thuis geworden en ik ken hier steeds beter de weg. Maar zoals je dat altijd hebt in een ander land, er zijn een heleboel verschillen. Nu mogen we als Nederland en Finland wel allebei in Europa liggen en allebei gebruik maken van de euro (hartstikke handig). Het is en blijft toch anders dan thuis. Vandaag deel ik de grootste verschillen die ik hier gemerkt heb en waar ik nog steeds niet aan kan wennen.

♥ In rijtjes wachten op de bus
Finnen zijn eigenlijk heel rustig en netjes. Voordat je de bus is stapt is er dus weinig geduw en getrek, want ze blijven heel rustig. De uitwisselingsstudenten zijn diegene die er een potje van maken. Hieronder zie je een foto van een dagelijkse situatie hoe de Finnen wachten op de bus.

♥ Het slot van de wc
De sloten in het algemeen zijn hier anders dan thuis, maar in de wc is dat het gekst. In het begin dacht ik dat alle wc deuren misschien gewoon kapot waren, maar hier draaien de sloten gewoon de andere kant op. Zoals wij ze naar de deurpost toe draaien, gaat hier de knop de andere kant op.

♥ Een extra wasbak in het wc hokje
Dit vond ik persoonlijk nog iets gekker dan het slot. Stel je voor, je loopt een publieke wc in, zoals in een restaurant of op het vliegveld. Dan heb je één grote ruimte met veel wasbakken en daarnaast heb je dan de wc hokjes. Hier in Finland hebben ze dus een wasbak in het kleinere wc hokje en in de gewone grote ruimte. Of ze durven niet in publiek de handen te wassen, willen graag een zo klein mogelijk wc hokje of wassen gewoon graag op twee verschillende plekken hun handen. Ik snap er niets van

♥ Een douche slang naast de wasbak
Ja, die toiletten zitten me wel dwars hier, want niet alleen hebben ze een ander slot of een extra wasbak, naast die extra wasbak hangt een douche slang. Ik heb hier verschillende verklaringen voor gehoord en ik vind het zo gek. Verklaring 1: Als je bijvoorbeeld liever niet met wc papier in de weer gaat, maar je billen liever met water schoonmaakt. Verklaring twee: voor het schoonmaken van de baby’s. Juist ja. Ik snap er niets van.

♥ De stoplichten gaan niet automatisch
Iets waar ik zelf niet echt tegenaan liep totdat Meneer erover begon. Dan zie het natuurlijk overal. Zoals wij sensoren in de weg hebben en het stoplicht weet of er iemand wacht of niet is dat hier niet zo. Je kunt hier zo een hele tijd staan wachten voor het rode stoplicht terwijl er niemand op het kruispunt staat.

♥ Iedereen wacht netjes
Hoewel je dus soms lang voor het rode stoplicht moet wachten, blijven de Finnen hier erg netjes wachten. Dan heb ik het niet alleen over de automobilisten maar ook over voetgangers. Ze zijn hier niet zo druk en gehaast.

♥ Gokautomaten
Je kunt het hier overal doen, terwijl je je wekelijkse boodschappen doet, op het station of wachtende op de metro. Zelfs als je een filmpje wilt kijken in de bioscoop kun je je achter een gokkast verschuilen. Je kunt ze niet ontvluchten, ze zijn hier namelijk overal. Dat ze in de kroeg staan is normaal, maar tijdens het winkelen, boodschappen doen of film kijken ook kunnen gokken. Dat vind ik wel gek, vooral omdat er ook altijd mensen bij staan. Ik zie maar zelden een gokkast onbemand.

De grootste verschillen die mij zijn opgevallen, want eigenlijk valt het best mee hoor. Zoveel verschillen wij nu ook weer niet van de Finnen of de Finnen van ons. De kleine verschillen zoals de vreemde taal, de kalmte en het overmatig drankverbruik was ik op voorbereid. Die kleine wc’s met het gekke slot? Daar was ik absoluut niet op voorbereid.

Mijn tien tips om het Noorderlicht te zien

Het Noorderlicht zien is iets wat bij veel mensen een plekje heeft veroverd op de bucket list. Ik mag mezelf erg gelukkig prijzen dat ik het heb mogen bewonderen ondanks dat het zo minimaal was. Ik heb dan wel geen prachtige foto’s om het te bewijzen, maar tijdens de jacht naar het Noorderlicht heb ik wel een paar dingen geleerd. Vandaag vertel ik jullie dus mijn tien tips om het Noorderlicht het beste te kunnen vinden en te zien.

1. Reis naar een bestemming ten noorden van de poolcirkel
In Nederland heb je eigenlijk geen kans om het Noorderlicht te zien. Je moet omhoog dus. Hoe hoger je bent, hoe beter je het kunt zien. Nu zat ik ongeveer 100 kilometer boven de poolcirkel, maar als je de kans hebt moet je zeker hoger gaan.

2. Zoek een donkere plek
Hoe minder licht er om je heen is, hoe duidelijker het Noorderlicht zal zijn. Het is hetzelfde principe als wanneer je sterren wilt zien. Als je midden in de stad staat is het ook bijna onmogelijk om sterren te zien dan wanneer je op een onverlicht fietspad staat buiten de stad. Je oog heeft bovendien ook tijd nodig om aan het duister te wennen, kijk daarom ook niet teveel naar het beeldscherm van je telefoon of camera.

3. Kies de juiste datum
Boven de poolcirkel gaat de zon bijna niet onder in de zomer. Dat is dus geen succes recept voor het Noorderlicht. De beste tijd is tussen eind september en eind maart, maar het meeste succes is er in november tot februari. Wil je het Noorderlicht zoeken en tot je knieën in de sneeuw staan. Ga dan in december en januari.

4. Kies een heldere nacht
Het Noorderlicht zie je alleen als het een heldere avond is. Is de lucht volgepakt met bewolking dan hoef je het niet eens te proberen. Hoop dus op een heldere nacht wanneer je op zoek gaat naar het Noorderlicht zo tussen tien en twaalf uur. Je kunt natuurlijk ook het internet gebruiken, maar het is wel handig als je dan ook wat verstand hebt van infrarood-satellietopnames.

5. Zorg voor volle batterijen
Dit is noodzakelijk als je het wonder wilt fotograferen. Niets is vervelender dan de camera in de juiste positie hebben en dan juist net wanneer je die perfecte foto wilt nemen valt de camera uit. Zorg dus ook altijd voor een extra opgeladen batterij en bewaar deze op een warme plek. Batterijen houden niet van de kou.

6. Zorg dat je camera goed is ingesteld
Hier heb ik ervaring mee. Zorg dat je je van te voren hebt ingelezen en de camera goed hebt ingesteld. Niets is zo vervelender dan met je steenkoude vingers je camera proberen in te stellen en dan het grote spektakel missen.

7. Kleed jezelf warm aan
Dit is misschien wel de allerbelangrijkste tip. Zorg dat je goed en warm bent aangekleed. Een heldere avond betekent vaak dat het koud is. Helemaal wanneer je boven de poolcirkel bent. Als je dan op jacht wilt gaan is het belangrijk dat je niet na één kilometer bevroren tenen hebt. Tip: lagen, lagen en nog meer lagen.

8. Neem een zaklamp mee
Handig om de weg te kunnen zien, maar ook wanneer je de batterijen van je camera wilt verwisselen. Je kunt natuurlijk ook de zaklamp van je telefoon gebruiken. De technologie van tegenwoordig.

9. Wees geduldig
Het Noorderlicht is net een diva. Ze laat zich zien wanneer ze dat zelf wil en ze kan ook zo weer verdwijnen. Tijdens een actieve nacht kan het zo zijn dat ze er de hele avond is, maar op een stille nacht zoals ik had is ze er heel even en daarna komt ze ook niet weer terug. Wees dus geduldig wanneer je op haar wacht.

10. Geniet ervan
Je hebt je goed aangekleed, je hebt het licht eindelijk gevonden en een perfecte foto gemaakt. Ga er dan alsjeblieft van genieten, want het kan maar zo zijn dat het de laatste keer is dat je het wonder mag zien. Mijn ervaring was kort en niet intens, maar ik heb hem gezien!

Dit waren mijn tien tips. En vertel, staat het zien van het Noorderlicht ook op jouw bucket list of heb je hem al gezien?

Drankspelletje bussen spelen?

Vandaag deel ik met jullie één van mijn favoriete drankspellen. Een spel waarvan ik de uitleg ook al deelde op mijn oude blog en wat het best gelezen artikel was van de 663 berichten. In Lapland was dit spel ook populair, omdat je gegarandeerd genoeg alcohol in je systeem hebt. Dit spel gaf mij m’n allereerste heftige kater ooit z’n 4 jaar geleden en er zullen er heus hier en daar nog wel meer volgen. Zoals bij alle spelletjes zijn er meerder varianten, maar dit is diegene die ik het leukste vind. Deze variant bestaat uit drie vragen rondes en de bus ronde, maar wil je een andere variant proberen kijk dan eens hier.

Wat heb je nodig?

– Een pakje kaarten natuurlijk
– Alcohol. (Dit kan van alles zijn en je kunt het zo gek maken als je wilt)

Het leukste is dat je dit met een hele grote groep mensen kunt doen. Toch stel ik voor dat de groep niet groter is dan zes tot acht personen. 

De spelregels:
Je hebt een stapeltje kaarten. De joker kan eruit, want die gebruik je niet. Schudden maar en als gesloten stapel voor je leggen op tafel.

DSCN0848

Er is één persoon die de kaarten uitdeelt en de vragen stelt. Niemand anders mag aan het stapeltje kaarten zitten. We moeten het natuurlijk wel een beetje eerlijk houden. Laten we er even vanuit gaan dat jij de kaarten beheert. Je kunt dan alsnog zelf mee doen.

DSCN0849

De eerste ronde
Je begint met de persoon links van jou, je buurman. De eerste vraag die je stelt is: ‘Denk je dat de kaart ZWART of ROOD is?’

DSCN0851

Antwoordt hij met ROOD en is de kaart ZWART? Dat wordt twee slokken nemen. Is de kaart ROOD dan heeft hij geluk en ga je door naar de volgende persoon totdat je iedereen gehad hebt. De kaart die iedereen krijgt moet bewaard blijven. Deze ga je gebruiken in de laatste fase.

De tweede ronde
Als iedereen geweest is (inclusief jou natuurlijk), dan is het tijd voor de tweede vraag: ‘Is de volgende kaart HOGER of LAGER dan jouw cijfer?’.

Laten we even verder gaan met de eerste kaart die we net pakte, namelijk een harten A. De vraag is dus: hoger of lager? Zeg jij hoger en de kaart is hoger dan hoef je niets te drinken, maar is de nieuwe kaart die tevoorschijn wordt getoverd lager dan … twee slokken.

DSCN0852

De twee kaarten die je buurman heeft gekregen. Eigenlijk heel simpel toch?

De derde ronde
Dan is het tijd voor de laatste vraag. Iedereen heeft nu als het goed is twee kaarten en een paar slokken genomen. De laatste vraag is: ‘Zit de volgende kaart BINNEN of BUITEN jouw kaarten?

Het is dus de bedoeling dat je buurman gokt of de volgende kaart tussen de A en de zeven in zit of juist daar buiten. Fout antwoord? Twee slokken. Goede antwoord? Dan ga je door naar de volgende kandidaat.

DSCN0853

Dat waren de eerste drie rondes. Je buurman heeft nu drie kaarten in zijn handen die gebruikt worden in de bus.

De vierde ronde
De deler legt nu twee rijtjes van vier kaarten neer op de tafel. Deze twee rijtjes gaat iedereen gebruiken. Één stapel met kaarten is slokken weggeven, de andere is zelf nemen.

DSCN0854

De neem- en geef rijtjes bestaan uit vier kaarten en dit heeft natuurlijk een reden. De eerste kaart betekent één slok nemen, de laatste kaart is vier slokken nemen. Je kunt dus de gelukkige zijn en vier slokken weggeven of zelf de sjaak zijn en vier slokken moeten nemen door je eigen kaarten. Plus, de andere spelers moeten natuurlijk ook slokken weggeven.

DSCN0855

Nu gebruikt je buurman dus de drie kaarten en kijkt hij of hij ze kwijt kan op één van de acht kaarten. De A en de Boer kunnen op de weggeef stapel dus kan hij iemand drie of vier slokken geven. Zelf hoeft hij in zijn beurt niet te drinken, maar dat wil niet zeggen dat hij geen alcohol drinkt in deze beurt. Er zijn natuurlijk ook nog andere die mee doen.

DSCN0856

De zeven kan niet op een stapel. Deze houd de buurman dus zelf. Je kunt dus één kaart overhouden, helemaal niets of misschien kun je wel helemaal geen enkele kaart kwijt. De bedoeling is dat je zo weinig mogelijk kaarten overhebt. Diegene met de meeste kaarten mag plaatsnemen in de beruchte ‘bus’. Zijn er nu twee of meer personen met dezelfde aantal overgebleven kaarten dan mogen ze allemaal plaatsnemen in de bus.

Je buurman mag plaatsnemen in de bus, omdat hij helaas diegene is met de meeste overgebleven kaarten. Pech voor hem.

De neem- en geef stapels leg je bovenop elkaar en dat is de bus.

DSCN0858DSCN0859

Hierna wordt het serieus. Hopelijk heeft je buurman geluk en kan hij goed gokken, anders moet hij een heleboel slokken nemen. Het principe van de slokken geldt namelijk nog steeds. Onderaan is één, twee, drie en dan bovenaan vier.

Je pakt de gesloten kaart stapel erbij en de vraag die telkens aan de passagier gesteld wordt is: HOGER of LAGER? De buurman moet dus gokken of de kaart van de stapel hoger of lager gaat zijn dan de kaarten in de bus.

DSCN0860

De eerste slok hoef ik niet te nemen.

DSCN0861

Nu is mijn tweede antwoord weer HOGER, maar mijn derde antwoord LAGER. Nu heb ik dus een probleem, want de kaart die gepakt wordt is een heer en dat betekent: dat ik drie slokken moet nemen en weer helemaal bij kaart één moet beginnen. Foutje!

DSCN0862

Zo ga je dus net zolang door totdat je bovenaan bent en op de plek van bestemming bent aangekomen. Je hebt dus de kans om geen slok te nemen, maar het is ook mogelijk dat je telkens niet hoger komt dan kaart drie en je negen slokken moet nemen.

Ik hoop dat jullie net zoveel plezier gaan beleven aan dit spel en als je het hebt uitgeprobeerd ben ik wel heel erg benieuwd hoe het is afgelopen. Zorg er alstublieft wel voor dat jullie een BOB hebben geregeld of kruipend naar huis kan, want nuchter blijf je bij de spel niet.

Kende je deze al of doen jullie andere drankspellen?

Hoe kun je het beste op ijs lopen zonder te vallen?

Eigenlijk is het hier helemaal niet zo koud in Helsinki. Die snowboots, muts en handschoenen die tot -20 kunnen heb ik eigenlijk helemaal niet nodig. De sneeuw die hier al sinds begin december ligt begint nu te smelten en vervolgens bevriest het opnieuw. De straten van Helsinki veranderen in een ijsbaan en wandelen op ijs is een heel avontuur. Nu heb ik zelf nog niet plat op de grond gelegen, maar heb al wel een paar dingen geleerd over hoe je het beste kunt wandelen op de ijzige straten van Helsinki. Niet alleen handig hier, maar kan ook van pas komen op de straten in Nederland.

Ten eerste: wees niet bang! Je moet naar buiten – Helsinki is er op ingesteld – en als je niet naar buiten durft dan is er een mogelijkheid dat je vier maanden binnen moet blijven. Ook in Nederland of in welk land dan ook kun je niet binnen blijven alleen maar om een beetje ijs op de weg (met de auto is dit natuurlijk een ander verhaal).

Het lopen op ijs is een kunst op zich. Normaal lopen we gewoon rechtop met het gewicht op beide voeten. Maar dit betekent ook dat we niet veel balans hebben zodra we op het ijs stappen. Vandaar dat we ons gewicht op onze voorvoeten moeten hebben in plaats van het midden van de voet. Ja, je doet alsof je loopt als een pinguïn maar het helpt wel. Dat is de grote oplossing.

Als je nu over de straat loopt en je glibbert alle kanten uit, zelfs als pinguïn, probeer dan gewoon op sneeuw te lopen als die mogelijkheid er is. Dat loopt een stuk stabieler. Hier in Helsinki hebben ze overal met kleine kiezelstenen gestrooid. De soort kiezelstenen die heel snel in je schoenen komen, maar wel zorgen dat je niet op je kont valt. Ook hebben sommige straten vloerverwarming. Daardoor zijn de winkelstraten schoon en ijsvrij. Plus, helpt tegen koude voeten, want je wandelt niet door sneeuw.

Andere tip is lopen waar andere mensen lopen. Als zij niet vallen dan zal jij waarschijnlijk ook niet vallen. Verder zijn putdeksel, andere metalen oppervlakken of strepen op de weg, zoals zebra strepen zijn ook gevaarlijk materiaal. Plus, de oudere mensen houden zich ook staande op het ijs. Als zij het ook kunnen, dan kunnen wij het ook!